Witwassen - in de zin van
art. 420bis eerste lid onder a Wetboek van Strafrecht - houdt kort gezegd in het verbergen of verhullen van de werkelijke aard, de herkomst, de vindplaats, de vervreemding of de verplaatsing van bepaalde voorwerpen, terwijl men weet dat het voorwerp afkomstig is uit enig misdrijf. De omschreven handelingen beogen de opbrengsten van misdrijven aan het zicht te onttrekken. Voor het bewijs van witwassen kunnen het Openbaar Ministerie en de rechter gebruik maken van zogenaamde witwastypologieën. Dit zijn kenmerken, opgesteld aan de hand van ervaringsregels, die duiden op het witwassen van opbrengsten uit misdrijven.